Meer visie nodig bij gemeente op regie in uitgaven jeugdhulp

Meer visie nodig bij gemeenten op regie in uitgaven jeugdhulp

Leestijd: 4 minuten

Veel gemeente schieten tekort bij het nemen van regie over de inzet van jeugdhulpbudgetten. Het gevolg is dat veel jongeren met grote persoonlijke problemen onvoldoende hulp krijgen aangeboden, met alle gevolgen voor hen persoonlijk, hun omgeving en de maatschappij tot gevolg. Een andere, actieve insteek bij gemeenten kan leiden tot niet alleen tijdige hulp op maat, maar ook voor ouders een grotere betrokkenheid.

Gemeenten zijn verantwoordelijkheid voor een vangnet

Ouders en onderwijsinstellingen dragen zorg voor het veilig en gezond opgroeien van kinderen, gericht op het ontwikkelen van hun talenten. De overheid zorgt voor passende onderwijsvoorzieningen. De gemeente zorgt voor ondersteuning (informatiesteunpunten, ouder/kind adviseur) waar ouders en kinderen terecht kunnen voor vragen (en tijdelijke ondersteuning door een ouder/kind adviseur). Als een kind specialistische hulp nodig heeft dan kan een huisarts of een ouder/kind adviseur daar een verwijzing voor afgeven. Op ikzoekjeugdhulp.nl worden bijvoorbeeld voor de regio Amsterdam de jeugdhulpaanbieders opgesomd waar ouders en kinderen mogelijk terecht kunnen.

Hoe bereik je ouders?

Ouders zijn primair verantwoordelijk om voor hun kinderen hulp te zoeken. De grootste opgave voor ouders is om te zorgen dat kinderen een perspectief wordt geboden op een veilig en gezond leven met kansen om zich te ontwikkelen. En dat kinderen weerbaar worden voor slechte invloeden zoals verslaving en criminaliteit. Opgroeien tot volwassenen met een gevoel voor verantwoordelijkheden. En in staat zijn om de gevolgen te overzien van hun handelingen. De gemeente heeft in haar beleidsvorming te maken met verschillende groepen ouders:

  1. Ouders die hun verantwoordelijkheid willen en kunnen nemen
  2. Ouders die hun verantwoordelijkheid wel kunnen maar niet willen nemen
  3. Ouders die hun verantwoordelijkheid wel willen maar niet kunnen nemen
  4. Ouders die hun verantwoordelijkheid niet willen en ook niet kunnen nemen
Pas wanneer een kind dreigt te ontsporen ontstaat een verantwoordelijkheid voor de overheid. De overheid kan een kind aan de ouderlijke macht onttrekken wanneer ouders de opvoeding van het kind verwaarlozen. Die maatregel wordt in de praktijk veelal pas in een zeer laat stadium toegepast. Van gemeenten worden ruim daarvoor acties verwacht ter ondersteuning en hulp aan ouder en kind.
 

Het huidig gemeentelijk beleid van jeugdhulpondersteuning is vooral ontworpen voor ouders in categorie a. De relatie met ouders in categorie d loopt voornamelijk langs de (professionele) samenwerking met voogdijinstellingen.  De grootste uitdagingen voor de gemeente zijn daarom te vinden in de benadering van ouders in de categorieën b en c. De ouders in categorie b schuiven de verantwoordelijkheid voor het oplossen van problemen vooral naar het kind zelf en de gemeenschap. De ouders in categorie c wachten te lang met het vragen van hulp aan zowel kind als ouders waardoor problemen toenemen en relaties escaleren.  

 

krachtenveld

De gemeente verleent zelf geen professionele jeugdhulp maar voert regie op de inzet van jeugdhulp in de driehoek tussen ouders – hulpverlener – gemeente. Op casusniveau treedt namens de gemeente de ouder/kind adviseur op. Voor een effectieve inzet van jeugdhulp is een heldere, op voornoemde ouder categorieën onderscheiden set van beleidsinstrumenten en interventie strategieën nodig vanuit de gemeente. Zowel richting ouders en kind (eigen inspanningen) als richting hulpverlener (resultaten van zorg en van samenwerking in de hulpketen). Een differentiatie van het gemeentelijk beleid naar bovenstaande ouder categorieën bij inrichting van de lijnen in deze driehoek, biedt de gemeente meer grip en sturingsmogelijkheden.  

Eigen inspanningen ouder en kind

Jeugdhulp is per definitie een aanvulling op eigen inspanningen van ouders en kind. Jeugdhulp is nooit gratis. Van ouders wordt altijd een bijdrage verwacht (naar vermogen). Dat kan de vorm hebben van een eigen financiële bijdrage maar ook het uitvoeren van daadwerkelijke handelingen in het traject van hulpverlening (vast te leggen in het overeen te komen perspectiefplan).  De mogelijkheid om de financiële bijdrage van ouders te verlagen of te verhogen op basis van de geleverde eigen inspanningen door ouder en kind kan een belangrijk stuurmiddel zijn. Ook voortzetting van jeugdhulp in de vorm van PGB kan als beloning worden ingezet op succesvolle eigen inspanningen van ouder en kind. Toegang van ouders tot zelfbedieningsportaal van jeugdhulp (open house) wordt beperkt tot oudercategorie a.

Resultaten van zorg en van samenwerking in de hulpketen

Van de professional in de 2e lijn wordt – naast uitvoering van de in het perspectiefplan opgedragen jeugdhulp – partnerschap verwacht in de door de gemeente gewenste benadering van ouder categorieën. Naast het leveren van informatie over de feitelijk geleverde eigen inspanningen van ouders en kind aan de ouder/kind adviseur, wordt ook een actieve afstemming verlangd met andere actoren in het hulptraject zoals omschreven in het perspectiefplan, wanneer dat de effectiviteit van de jeugdhulp kan vergroten. De mogelijkheden om het eigen aandeel in jeugdhulp te vergroten (bijvoorbeeld via budgetplafonds per aanbieder) worden mede afhankelijk gesteld van prestatiebeoordeling op zowel (1) kwaliteit van geleverde zorg als op (2) gerealiseerd partnerschap met de gemeente en (3) bijdrage aan het vergroten van effectiviteit van het perspectiefplan.  Succesvolle jeugdhulpverleners worden beloond met kansen om uit te groeien naar de positie van systeempartner.

Aanpassing rijksbijdrage

Voor een belangrijk deel is de ontwikkeling van uitgaven voor jeugdhulp voor gemeenten onbeïnvloedbaar.  De resultaten van de gemeentelijke inspanningen tot sturing op de uitgaven jeugdhulp vormen een goede basis voor periodiek overleg met het rijk over aanpassing van de rijksvergoeding aan gemeenten aan autonome kostenontwikkelingen. 

Conclusie

Gemeenten staan voor een stelselkeuze. Doorgaan op de oude voet betekent voortdurend achter de feiten aan blijven lopen. Samen optrekken in regioverband maken stelselkeuzes effectiever. Vooral in het eenduidig toedelen van verantwoordelijkheden aan zowel ouders als professionals in de keten van jeugdhulp valt nog veel te winnen. Dat laat onverlet dat elke gemeente moet kunnen blijven sturen op de samenstelling van de menukaart aan beschikbare jeugdhulp voor de eigen inwoners (en mogelijk daaraan te koppelen budgetplafonds en het oplossen van ongewenste wachtlijsten).

mr. Eugène Lobry
Onafhankelijk adviseur van gemeenten

Eugene Lobry Onafhankelijk Organisatieadviseur

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *